• delen:

11 Februari 2016, 10:30 uur

De Ramp 1944-1956
Van D-Day tot de Hongaarse Opstand

Rijksmuseum, Auditorium, Amsterdam

De eerste twaalf jaar van mijn leven mocht ik kind zijn in een beschermde omgeving. Het verhaal van mijn vader en mijn moeder schetst daar de achtergrond van. De boze gebeurtenis van buitenaf die een beginnend bewustzijn veroorzaakte was De Ramp in 1953. 31 december 1956 mocht ik naar Wim Kan luisteren en zag mijn vader lachen. Waarom? Want zo leuk leek het allemaal niet wat er gebeurde. Thema's: Di - 09 Feb 2016 - Vader Wo - 10 Feb 2016 - Moeder Do - 11 Feb 2016 - De Ramp Vr - 12 Feb 2016 - Oudejaarsconference Wim Kan 1956



De Ramp

Gast: Kees Slager

In de nacht van 31 januari op 1 februari 1953 voltrok zich in Nederland een ramp, die al snel De Ramp werd. Op velerlei gebied schoten autoriteiten, hulpverleners en verslaggevers te kort.
Het land verloor die nacht nog maar eens zijn onschuld. Het was het begin van de maakbare samenleving. We wilden niet meer berusten in het bijbelwoord: ‘De Heere heeft gegeven, de Heere heeft genomen’

Iedere calamiteit was voortaan aan een instantie en uiteindelijk een persoon te wijten. Het lot werd als zodanig niet meer geaccepteerd. Het Deltaplan leek ons in de toekomst voor alles te zullen vrijwaren en te behoeden.

Voor mij als kind betekende De Ramp een eerste stap in de Grote Wereld. Met mijn vader, die met een klaplong op een bed in de woonkamer lag, luisterde ik naar de radio en wat er aan treurigs en heldhaftigs werd gedebiteerd. Dat radiootje kraakte nogal, vandaar dat een week later een fonkelnieuwe radio werd binnengedragen in huize De Jonge. Met pick-up.

De Ramp werd er niet minder om, maar het deed je wel meteen inzien dat het leven doorging. De strijd tussen het ware geloof en het ultieme vertier was begonnen.